Aan de ziekenhuisstal, dierenartsen over heftige koliek 

Eén op de tien paarden krijgt het ooit: koliek. Het is een verzamelnaam voor alle buikpijnklachten die een paard kan hebben. Vaak komen paarden er goed doorheen als ze een darmverslapper en een krachtige pijnstiller ingespoten krijgen. Maar voor sommige paarden is dat niet genoeg en blijkt het écht foute boel. Omdat darmen van paarden los in de buikholte liggen kunnen deze ook verstrikt raken of zelfs de verkeerde kant op draaien, waardoor er een afsnoering ontstaat van de darm. Dan kan alleen nog een koliekoperatie het paard redden. Maar hoe gaat zo’n operatie in z’n werk en waar moeten mensen op letten bij paarden met koliek? IJP vroeg het aan paardeninterniste Amber Calewaert en paardenchirurg Julie Brunsting. 

Tekst: Josefine van Vessem • Foto’s: Josefine van Vessem, tenzij anders vermeld 

Álfadís’ verhaal

Álfadís (Alf) was tijdens het rijden wat sloom en toen ik uitstapte merkte ik dat ze wilde gaan liggen, terwijl ik nog op haar rug zat. Dit heeft ze nooit eerder gedaan en ik vond het maar raar. Toen ik haar zadel en hoofdstel eraf haalde om haar te laten rollen ging ze plat op de grond liggen en ik zag meteen: “Dit is niet goed, alleen dode paarden of hele zieke liggen zo”. Ik heb direct gehandeld en de dierenarts gebeld.

Na 20 minuten was de spoeddierenarts er, die voelde al dat de darmen niet goed lagen. Ik kreeg de keuze: als de brandweer naar de kliniek te rijden of haar meteen in te slapen. Ik koos voor het laatste. Deze keuze kon ik zo snel maken omdat ik haar verzekerd had voor een koliekoperatie.  

Alf werd opgeladen om naar de Lingehoeve diergeneeskunde in Lienden te gaan. Daar onderzocht interniste Amber Caleweart haar en zij zag dat de dikke darm een draaiing had en zichzelf afknelde. Dit betekende een spoedoperatie om de darmen weer op de goede plek terug te leggen. Door de verzekering was het een ”no-brainer”, meteen dat paard op tafel en kijken of ze er doorheen komt. Niet lang na de onderzoeken stonden we in de pre-operatiekamer en werd Álfadís onder zeil gebracht. Tijdens de operatie werd haar dikke darm weer goed gedraaid en kwam de chirurge Julie Brunsting erachter dat er veel zand in de darmen zat.

Niet lang na de onderzoeken stonden we in de pre-operatiekamer en werd Álfadís onder zeil gebracht.

Na de operatie heeft Álfadís 14 dagen op de kliniek gestaan, waarvan de eerste dagen na de operatie érg spannend waren. Haar darmen herstarten na de operatie niet goed en haar maag bleef zich vullen met maagzuur. Tijdens de spannendste nachten mocht ik slapen bij de familie Riphagen die dicht bij de kliniek woonden, dit gaf me erg veel rust en steun. Met veel sonderen, liefde en aandacht en bovenal de allerbeste zorg is Álfadís er weer helemaal bovenop gekomen. Ik was er elke dag met breiwerk en campingstoeltje in de stal om haar gezelschap te houden. Ik heb uren naast haar gezeten en haar gezelschap gehouden terwijl we samen keken naar de rondrennende dierenartsen en paravetrinairen op de kliniek, die langs Alf kwamen voor check ups en van mij dan een Brabants worstenbroodje kregen. Na vele uren hopen, rondjes wandelen met Alf rondom de kliniek en check-ups was het na twee weken tijd om terug naar huis te gaan voor Alf. 

Eenmaal thuis en hersteld herken ik mijn paard niet meer terug, in de positieve zin. Alles valt nu op z’n plek. Mijn paard heeft twee jaar lang buikpijn gehad. Ze is weer het paard wat ik ooit kocht: Los, werkwillig, lekker voorwaarts en vrolijk onder het zadel.  

Ik schrijf mijn persoonlijke verhaal om te zorgen dat het verhaal van Álfadís een waarschuwing kan zijn voor andere paardeneigenaren. Al help ik er maar één paard mee. Want ik ben eeuwig dankbaar dat ik alles op alles heb gezet om haar te redden, maar ook voel ik me schuldig dat ik niet eerder wist wat voor een impact zand in de darmen kan hebben. En ja, ik gaf ook braaf een ‘’zandkuurtje’’ eens in de zoveel tijd… Dus alsjeblieft, denk niet dat je met eens in het half jaar eens een beetje zandweg voeren dit kan voorkomen. Ik hoop dat dit artikel de kennis overdraagt die ik door schade en schande heb moeten krijgen.

Dankjewel Amber en Julie en het hele team van de Lingehoeve, jullie zijn superhelden zonder capes! 

Amber Calewaert (1995)  

De Belgische Amber studeerde in 2020 af aan de universiteit van Gent in België. Na haar afstuderen werkte ze aan dezelfde universiteit en begon ze haar internship met als focus interne geneeskunde. Aansluitend heeft ze de specialisatieopleiding tot Europees inwendig specialist afgerond,eveneens aan de universiteit van Gent. Amber is momenteel aan het studeren voor het Europees specialistenexamen en is werkzaam als internist bij de Lingehoeve in Lienden. Amber heeft zelf een achtergrond in de springpaarden.  

Amber Calewaert
Foto: Jan Gidding 

Julie Brunsting (1989)

Julie is een fervent IJslanderliefhebster en reed tijdens haar studie diergeneeskunde (2013) aan de universiteit van Utrecht paarden bij Siggi en Irma van Strandhólar. In 2009 nam ze deel aan het WK voor IJslandse paarden met Arthúr frá Hrísum. Daarna is ze bij het Nederlandse WK-team betrokken geweest als teamveterinair. Julie liep stage bij de Lingehoeve en kwam in aanraking met paardenchirurgie. Bij dierenkliniek De Bosdreef deed ze haar internship met als focus chirurgie. Na haar opleiding tot Europees specialist chirurgie aan de universiteit van Gent vertrok ze naar de Verenigde Arabische Emiraten om daar ruim twee jaar als chirurg te werken. In 2020 keerde Julie terug naar Nederland om te starten als chirurg bij De Lingehoeve.  

Julie Brunsting
Foto: Lingehoeve Diergeneeskunde 

“Paardeneigenaren realiseren zich soms niet dat dierenartsen liever uit bed gebeld worden voor een paard dat nog goed te redden is, dan dat we om acht uur ’s ochtends een doodziek paard op de kliniek krijgen.”

Wat is koliek precies?  
Amber: “Het is de verzamelnaam voor ‘buikpijn’ bij paarden. Vaak komt die pijn uit de darmen, maar dat is niet altijd zo. Een paard heeft een heel groot maagdarmstelsel waarin van alles verkeerd kan gaan. Maar koliek kan ook bijvoorbeeld veroorzaakt worden door leverproblemen, nierproblemen, nierstenen, blaasstenen, eierstoktumoren enzovoort. Als paarden hier met koliek binnenkomen is het zaak om zo snel mogelijk te achterhalen waar die pijn vandaan komt, zodat een juiste behandeling gestart kan worden.”  
 
Een paar weken geleden zag ik dat het foute boel was met mijn paard. Wat is het stappenplan als je een ‘kolieker’ op stal hebt?  
Amber: “Meteen je dierenarts bellen en daarmee overleggen. Een paard in beweging houden is altijd goed. Als een paard gevuld is met gas en gaat rollen, kunnen darmen verkeerd komen te liggen en daarmee een beknelling of afsnoering veroorzaken (paardendarmen liggen los in de buikholte en kunnen gaan ‘zweven’ door de buikholte).” 

Julie: “Zorg altijd voor je eigen veiligheid. Paarden die echt niet meer kunnen en dus willen gaan liggen, die houd je niet tegen. Pas dus goed op!” 

Amber: “Ook al is je paard je beste vriend, in tijden van heftige koliek, en dus veel pijn, kan het gevaarlijk zijn. Het is wel een paard van drie-, vier-, vijfhonderd kilo. Je zou veilig Colosan kunnen geven, dat kan paarden ondersteunen. Maar als je paard onvoldoende reageert of je vertrouwt het niet, laat dan de dierenarts komen.”  
Julie: “Colosan kan ondersteunend helpen, maar kan een serieus probleem helaas niet oplossen; het is een natuurlijk product dat bestaat uit een reeks aan oliën. Wees met een paard met koliek snel. En zorg dat je dierenarts aangehaakt is. Als die oordeelt dat het thuis niet opgelost kan worden met pijnstillers, darmverslappers en eventueel een sonde, dan word je doorverwezen naar een kliniek.”  
 
Hoe ziet het traject eruit als je met je kolieker op de kliniek aankomt?  
Amber: “Eerst komen ze bij mij. De paarden worden meestal doorverwezen door een eerstelijns dierenarts wanneer een koliekepisode thuis niet opgelost raakt. Zelden komen paarden rechtstreeks met koliek naar ons, zonder tussenkomst van een dierenarts thuis, maar het komt voor. We verzamelen een anamnese (informatie over de ziektegeschiedenis en gezondheid van een patiënt), daarna doen we het algemeen onderzoek en aanvullend bloedonderzoek. Daarin kunnen we zien hoe het staat met de elektrolyten, verzuring, uitdroging of ontstekingen. Daarna kunnen we een echografie doen van de buik, maar we kunnen daarmee niet het hele darmstelsel in kaart brengen, je kunt maar maximaal 30 centimeter diep kijken met een echo. Om het middengedeelte van de darmen in kaart te brengen combineren we dit met een rectaal onderzoek om te voelen hoe de darmen liggen. Zo kunnen we bepalen of alle darmen op zijn plaats liggen en of er sprake is van gas, een verstopping of een afsnoering bijvoorbeeld. Minder standaard zijn een röntgenfoto van de buik om te kijken of er sprake is van zandkoliek en een buikpunctie om te zien of er afwijkingen in het buikvocht zijn, wat kan duiden op problemen met organen. Aan de hand van de verschillende onderzoeken proberen we een diagnose te stellen om zo een bijhorende behandeling op te starten. Vaak kunnen we met een sonde iets opgieten dat het maagdarmstelsel helpt, of met medicatie en eventueel een infuus de koliek oplossen. Maar als dat niet het geval is worden ze doorverwezen naar chirurgie. Soms zien we paarden waarvan we met onze onderzoeken meteen zien ‘dit is foute boel’. De manier waarop een paard binnenkomt op de kliniek zegt in sommige gevallen al veel. Soms valt er geen tijd te verliezen en is de keuze heel lastig: opereren of inslapen.” 
 
Ik kreeg deze keuze voorgelegd met mijn merrie met een gedraaide dikke darm. Als je ervoor kiest om te opereren, hoe ziet het proces eruit?  
Julie: “Als een paard naar de operatiezaal gaat, dan wordt het paard vaak door de internist voorbereid op de operatie. De chirurgen zorgen dat de operatiezaal klaar is en het paard wordt rustig voorbereid op de ingreep, zodat deze in een zo goed mogelijke conditie de operatie kan ondergaan. Het is niet niks wat we van ze vragen. Paarden gaan ziek en vaak gestrest een koliekoperatie in, wat voor de narcose en de recovery (het wakker worden) niet gunstig is.  
 
We opereren paarden met koliek met een chirurg en een assistent, want er moeten veel darmen uit de buik worden gehaald, die ik niet allemaal zelf kan vast- en tegenhouden. Ook is er een anesthesist bij de operatie die zorgt dat het paard goed onder narcose blijft en de vitale functies in de gaten houdt. De darmen worden bij een koliekoperatie uit de buikholte gehaald. Een dikke darm uit een paard halen, gevuld met inhoud, is een fysiek zware taak. Regelmatig staan tijdens zo’n operatie de zweetdruppels op mijn voorhoofd. 
 
Als het paard open is en we goed kunnen zien wat de stand van zaken is van de darmen, overleggen we in de meeste gevallen met de eigenaar of we verder opereren. Als we verder opereren dan lossen we de koliek op door of darmen goed te leggen, te spoelen of zelfs door stukken darm te verwijderen. Na de koliekoperatie zorgen we dat het paard weer goed wakker wordt en rustig naar de stal kan wandelen. We helpen het paard middels een touwensysteem aan hoofd en staart om zijn balans te vinden bij het opstaan. Het is een zware operatie voor paarden;  ze hebben na de ingreep een wond van minimaal 20 centimeter lang die moet genezen en de darm moet weer op gang komen.”  
 
Stel ik heb een paard van 30, opereren jullie die dan ook nog? Of weigeren jullie ook wel eens paarden?  
Julie: “Soms zien we paarden die te ziek zijn om een operatie te overleven, dan hebben we weinig keuze. Maar we zien ook paarden van 30 die in goede conditie zijn en een operatie goed doorkomen en daarna herstellen. We kijken echt naar de conditie waarin het paard zich bevindt voordat deze geopereerd wordt. Wij mogen geen zorg weigeren, dus als eigenaren willen opereren dan doen we dat. Als we zien dat er een goede prognose is, dan ga ik een paard geen levensjaren ontnemen. Ik heb onder andere Shetlanders van 30 geopereerd die daarna helemaal zijn opgeknapt en nog fijne jaren hebben geleefd.”  

Amber: “We zijn ooit aan de opleiding diergeneeskunde begonnen om dieren beter te maken. We denken altijd vanuit het belang van het paard. Als we zien dat het een lange lijdensweg gaat worden voor een dier met weinig slagingskansen dan gaan we daarover in gesprek met de eigenaar. Maar we mogen geen zorg weigeren.”  
 

Koliekklinieken
Niet elke kliniek behandelt en opereert paarden met koliek. De klinieken in Nederland die dat wel doen zijn: Lingehoeve (Lienden), Universiteitskliniek Utrecht, Bodegraven, Emmeloord, Den Ham, Someren, Wolvega en De Watermolen in Enschede. 

Hoe veel procent van de paarden die een koliekoperatie ondergaat overleeft het?  
Amber: “Helaas valt daar niet zomaar een algemeen cijfer op te plakken. Op basis van de onderzoeken proberen we een inschatting te maken, maar we zijn geen voorspellers en hebben geen glazen bol. Het ligt echt aan de algemene conditie van het paard, welk type koliek een paard heeft en wat dus de oorzaak is, en hoe snel je erbij bent. De ene situatie is de andere niet.”  

Julie: “Ik zeg vaak tegen eigenaren dat een paard 50% overlevingskans heeft voordat we de operatie starten. Voordat een paard open op de operatietafel ligt weten we, in veel gevallen, niet precies wat we gaan aantreffen; het is een black box. Soms spreek ik met eigenaren af met hoeveel procent slagingskans ze nog verder willen opereren als de buik open ligt. Als het slagingspercentage daaronder ligt moeten we helaas afscheid nemen van het paard. De operatie overleven is de eerste uitdaging, de herstelperiode doorkomen is uitdaging nummer twee. We zien wel dat paarden met dikkedarmproblemen over het algemeen hogere slagingskansen hebben dan paarden met dunnedarmkoliek, maar ook dat ligt er maar net aan hoe erg de koliek is.”  

Amber: “We proberen steeds een eigenaar goed te informeren en te helpen bij het beslissingsproces. Over wanneer wel en niet opereren, en als het paard geopereerd wordt wanneer door te gaan en wanneer te stoppen in belang van zowel het paard als de eigenaar.” 
 
Wat kunnen paardeneigenaren nu al bedenken over koliekoperaties voordat ze een heel ziek paard hebben en in één keer onder tijdsdruk moeten beslissen?  
Amber: “Het is altijd slim om van te voren te bedenken: Als mijn paard koliek krijgt, wil ik dan het hele proces van een operatie in gaan of niet? Josefine, je weet zelf dat het een heel heftig moment kan zijn om op de kliniek snel te moeten beslissen of je wel of niet laat opereren. Dan kan de emotie de overhand nemen. We proberen als dierenartsen dan goed te begeleiden. Het is niet de bedoeling dat mensen schulden opbouwen door de koliekoperatie, dus het is belangrijk dat je als eigenaar ook kijkt of je de rekening kunt betalen.”
 
Julie: “We zien steeds meer paardenverzekeringen en paarden die ook verzekerd worden. Het is wel zaak dat je als eigenaar goed naar de polis kijkt wát je daadwerkelijk verzekert. Ik hoop dat paardeneigenaren door dit artikel meer feeling krijgen met het onderwerp en bedenken of ze wel of niet willen verzekeren en bedenken of ze hun paard, mocht het nodig zijn, wel of niet willen laten opereren. Paarden zijn voor eigenaren soms al 15 jaar hun beste vriend, dus dan is zo’n beslissing enorm emotioneel. Het lastige is wel dat we ook de rekening moeten sturen als een paard het niet overleeft.”

Amber: “Niemand wil dat een paard ingeslapen moet worden, maar wanneer dat gebeurt zijn er vaak al veel onderzoeken of behandelingen aan voorafgegaan waar bepaalde kosten aan gekoppeld zijn. Wij sturen die rekeningen niet graag. Het is verschrikkelijk om eerst een eigenaar afscheid te moeten zien nemen en dan nog een rekening te moeten sturen, maar geneeskunde is nu eenmaal erg prijzig; zeker zonder verplichte ziekteverzekering zoals in de humane geneeskunde.” 

Jullie zien hier veel paarden met koliek op de kliniek. Wat weten mensen niet over koliek of realiseren ze zich onvoldoende?  
Julie: “Eigenaren realiseren vaak niet de tijdsdruk die er is bij koliek. Paarden zijn an sich zwakke dieren. Mensen zonder paarden snappen niet zo goed dat ik midden in de nacht uit mijn bed gebeld wordt om een koliekoperatie uit te voeren. Een mens kan gemakkelijker een langere tijd met een lekkende darm rondlopen voordat je geopereerd moet worden, maar een paard is binnen enkele uren overleden. De balans is bij paarden veel kleiner, daarom is het zo belangrijk dat je met een koliekpaard kort op de bal speelt. Ik kan dezelfde darmknoop na vijf uur ook opereren, maar de kans dat een paard zonder complicaties door de operatie en de herstelfase komt is een stuk kleiner. Voor ons is het een groot verschil in de prognose of een paard dunne- of dikkedarmkoliek heeft. Maar op het moment dat een paard symptomen vertoont weet een eigenaar niet welk type koliek hun paard heeft, dus elke minuut telt voor een zo goed mogelijke prognose.”  
 
Amber: “Wat ik merk bij eigenaren is dat ze schrikken van wat er allemaal komt kijken bij de onderzoeken en behandeling van zo’n ziek paard en vervolgens de prijs van een koliekoperatie. Het is nou eenmaal duur om een paard te laten opereren.”  
 
Julie: “Een operatie is niet in een halfuurtje afgerond, je hebt een team van drie of vier mensen nodig. Afhankelijk van hoeveel darm er verwijderd moet worden ben je soms wel drie of vier uur aan het opereren. Een paard moet daarna nog een uur wakker worden. Van het onderzoek als de kolieker binnenkomt tot aan het ontwaken van de operatie kost een halve (werk)dag. De meeste eigenaren kijken paarden met koliek overdag een beetje aan, ’s avonds zien ze dat het echt niet goed zit en ’s nachts belanden de paarden dan op de operatietafel. Dan moet er een heel team uit bed gebeld worden om te opereren, dat kost nou eenmaal meer geld dan tijdens ‘kantooruren’. Los van al het materiaal dat we nodig hebben om deze ingreep uit te kunnen voeren.” 
 
Amber: “Nog een misconceptie is dat paardeneigenaren soms niet zien hoe veel zorg er nodig is voor een paard na zo’n grote operatie. Wij hebben tien intensive care boxen waar paarden permanent zorg kunnen krijgen. Er is altijd een dierenarts mee bezig, er zijn nachtrondes en ze staan de hele dag onder cameratoezicht. Niet iedere eigenaar ziet hoeveel moeite en tijd het ons als dierenartsen kost om de paarden weer gezond te krijgen. Dierenarts zijn is uiteraard geen negen-tot-vijf-baan, dat weten we voordat we beginnen aan dit werk. Ik denk dat mensen ook onderschatten hoe betrokken dierenartsen bij de paarden en eigenaren zijn in zo’n ziekteproces.”  
 
Julie: “Er zijn daarom maar weinig klinieken in Nederland die koliekoperaties aanbieden. Je moet 24-uurszorg kunnen aanbieden, chirurgen paraat hebben staan en het materiaal en de kennis en kunde hebben. Sommige klinieken beginnen daar niet aan en doen alleen geplande operaties, omdat paarden met koliek de meest intensieve patiënten zijn die je op de kliniek kunt hebben. Je weet namelijk helemaal niet hoe een behandeling eruit gaat zien; dat is niet te plannen of te voorspellen.  
 
Wat ik als chirurg merk is dat mensen erg terughoudend zijn in het laten doen van een operatie als ze hebben gehoord van een paard dat een koliekoperatie niet overleefd heeft. Het is soms lastig voor mij als arts om dan niet te opereren als ik zie dat een paard richting de 80% slagingskans heeft, want veel paarden overleven de operatie wel en herstellen goed. Het blijft altijd de keuze van de eigenaar, maar helaas is er soms ook niet het geld om een paard te laten opereren. Dat is wel zuur als een paard goede overlevingskansen heeft.”  

Verzekering
Wist je dat je je paard kan laten verzekeren voor een koliekoperatie?  
Er zijn meerdere paardenverzekeraars die koliekoperaties vergoeden. Je krijgt afhankelijk van de polis soms alleen de operatie vergoed, maar dat kan wel de keuze voor het wel of niet opereren financieel minder zwaar maken.

Kosten koliekoperatie:  
Gemiddeld tussen de €6.000 en €8.000 met één week nazorg op de kliniek als het paard tijdens het dagtarief wordt geopereerd, zonder complicaties. Ontstaan er complicaties en is er meer zorg nodig dan lopen deze kosten (snel) op.

Ik gaf mijn paard eens in het half jaar een zandkuur. Toen ze bij Julie op de tafel belandde met een gedraaide dikke darm bleken haar darmen vol met zand te zitten. Ik had dit zelf nooit verwacht. Hoe moet je een paard effectief ‘ontzanden’?  
Julie: “Dit hoor ik helaas heel vaak. Ik moet soms eigenaren overtuigen om tóch een röntgenfoto te laten maken van de buik om te kijken hoeveel zand erin zit. Eigenaren denken dat hun paard geen zandkoliek kan hebben omdat ze elke maand een zandkuur geven. Maar toch blijken die paarden vol met zand te zitten. Er zijn zo veel zandkuren op de markt die pretenderen je paard zandvrij te maken, maar zo zwart-wit en simpel is het nou eenmaal niet. Als je niet weet hoeveel zand er in je paard zit, weet je ook niet hoeveel zandkuur je moet geven om het zand er allemaal uit te krijgen. Paarden scheiden niet altijd evenveel zand uit in hun mest, daarom is de handschoenmethode niet zo betrouwbaar om te meten hoeveel zand je paard opneemt. Een röntgenfoto geeft altijd het beste beeld. Zand kan een harde dikke koek geven in de darmen. Het is namelijk zwaarder dan eten, daarom kan het voedsel van een paard over het zand heen door de darmen worden bewogen zonder dat het zand ermee uit wordt gescheiden.  
 
Ik heb recent een kudde ijslanders middels röntgenfoto’s op zand gecontroleerd. De eigenaren gokten van te voren welke paarden het meeste zand in de darmen zouden hebben omdat ze het meest van de grond ‘stofzuigen’ en kleine grassprietjes het liefst aten. Maar niets is minder waar, veel paarden waren schoon en juist andere zaten tot de nok toe vol met zand. Je kunt er geen peil op trekken hoeveel zand jouw paard nu in zijn/haar darmen heeft.”  
 
Amber: “Een röntgenfoto is het meest betrouwbare onderzoek en is niet invasief of ingrijpend voor een paard. Met een paar foto’s hebben we al een goed idee van hoeveel zand een paard in de darmen heeft en waar het precies zit. Dat is belangrijke informatie om ervoor te zorgen dat er een correcte behandeling volgt. Dan kunnen we beslissen hoe veel psyllium (vlozaad van de weegbreeplant) er gegeven moet worden en hoe lang, en of er nog bijkomende medicatie opgestart dient te worden of niet. Met een röntgenfoto weten we meteen hoe het paard ervoor staat en kunnen we de evolutie goed opvolgen.”  
 
Julie: “Eén week per maand psyllium voeren aan je paard werkt om zand af te bouwen. Alleen als je paard driekwart vol met zand zit dan bouw je het zand niet af en blijft je paard driekwart vol met zand zitten. Dan heb je dus nog meer nodig om alles eruit te krijgen in zowel de lengte van de zandkuur als de hoeveelheid. Dus zo’n foto is echt het allerbeste om te zien hoe het ervoor staat. Sommige paarden met veel zand in de darmen laten niks merken. Andere paarden lijken last van hun maag te hebben, maar na onderzoek blijkt dat het probleem vanuit de darmen komt. Als paarden veel last van zand hebben kunnen ze rijtechnische problemen krijgen, gaan staken en pijnlijk op het been worden. Niet alle paarden met zandproblemen belanden als kolieker op de kliniek en ze hebben ook niet allemaal mestwater. Zandproblemen kunnen veel vage klachten veroorzaken bij paarden.”  

Hoe je de dikke darm zandvrij kunt krijgen: 
• Kijk kritisch naar hoeveel zand je paard zand of kan eten.  
• Laat een röntgenfoto van de buik maken (dat kan de dierenarts eventueel ook op stal, indien het apparaat sterk genoeg is).  
• Om zand af te bouwen geef je zeven dagen per maand achter elkaar 1 gram psyllium per kilogram lichaamsgewicht van je paard (volledig psyllium, niet gehakseld of vermengd in brokjes).  

Wat kunnen paardeneigenaren nog meer doen, buiten correct ‘ontzanden’, om het risico op (zand)koliek te verkleinen?  
Amber: “Helaas is er geen gouden regel om een paard koliekvrij te houden… 
Ik denk dat we goed moeten kijken naar hoe we onze paarden houden en waar ze in het wild oorspronkelijk vandaan komen, zeker IJslanders. Ze zijn de hele dag op zoek naar eten en ze hebben kwalitatief goed voedsel nodig. We hebben niet allemaal een weide van 15 hectare, zoals dit in het wild zou zijn, dat is nou eenmaal zo. Een paard bestaat voor een groot deel uit het maagdarmstelsel en als we proberen dat zo gezond mogelijk te houden, dan kunnen we al veel problemen voor zijn. Alles wat we qua voer aan een paard geven heeft effect. Denk goed na over wat je je paard voert en waarom. Je kunt altijd met je dierenarts overleggen welke supplementen een goed idee zijn voor je paard. Er zijn zo veel supplementen voor paarden op de markt. Kijk goed naar de medische achtergrond van supplementen die je voert, is de effectiviteit bewezen?”  

Julie: “Fabrikanten van supplementen stoppen wel de werkzame stoffen in de poeders en brokjes, maar de concentraties kunnen erg variëren. Daar heb je als eigenaar totaal geen zicht op bij de meeste supplementen.”  
Amber: “Of er wordt veel suiker in de supplementen gebruikt, want dat is ook lekkerder voor het paard. Dus alles wat je geeft aan je paard heeft effect. Je mag gewoon met je dierenarts overleggen, want daarvoor zijn we er!” 

Julie: “Het is niet zo makkelijk om koliek te voorkomen. Management voor je paard(en) hebben en houden is heel belangrijk. Het is heel erg belangrijk om niet te veel snelle veranderingen in het voerbeleid te maken. Als je paard verhuist dan is dat al heel stressvol, dan is het slim om hooi van de oude stal mee te nemen en rustig aan met het nieuwe hooi te mengen, zodat de darmen en de darmbacteriën daar langzaam aan kunnen wennen. Wissel niet te veel en te snel van voer, dat is echt een risicofactor. Kijk ook of je paard niet luchtzuigt of echt zand eet, daarmee verhoog je de kans op koliek.”  

Amber: “In paardendarmen wordt gefermenteerd door essentiële bacteriën en dat is een langzaam proces. Als je de darmbacteriën verstoort kun je een verstoring van dat delicate evenwicht uitlokken en zo bijvoorbeeld gaskoliek of diarree krijgen.”  
 
Hebben jullie nog nabranders?  
Amber: “Paardeneigenaren realiseren zich soms niet dat dierenartsen liever uit bed gebeld worden voor een paard dat nog goed te redden is, dan dat we om acht uur ’s ochtends een doodziek paard op de kliniek krijgen.”

Julie: “Mensen moeten zich ook realiseren: wij staan aan het einde van de linie en krijgen de meest zieke paarden op de kliniek. De meeste paarden komen met darmverslapper en pijnstiller thuis door de koliek heen. Als dat niet zo was zouden we hier de hele dag in de operatiezaal staan en er nooit meer uit komen met zo veel koliekers… Maar als je thuis een paard hebt met koliek en die reageert onvoldoende op de behandeling en je vertrouwt het niet, wacht dan niet te lang. Het is verschrikkelijk om, wanneer een paard op de kliniek aankomt, we met het prikken van de eerste bloedwaarden al zien dat we niets meer voor je paard kunnen betekenen.  
Je mag ook – als je paard heel ziek is en je het echt niet vertrouwt – meteen naar de kliniek rijden. Hiervoor kan de eerstelijns dierenarts altijd nog helpen om het paard wat te geven voor het transport, zodat dat zo pijnloos en rustig mogelijk verloopt. En zeker bij koudbloedrassen zoals IJslanders moeten we nog meer op onze hoede zijn, want ze kunnen echte binnenvetters zijn die niet snel laten merken dat het foute boel is.”  

Amber: “En als je een paard met koliek hebt dat geopereerd moet worden, luister dan niet naar de spookverhalen van de buurvrouw die een overleden paard heeft, maar luister naar je dierenarts. Wij zien veel koliekgevallen en het is onze taak om een diagnose, behandeling en inschatting te maken van de slagingskansen voor jouw paard. Bovendien is ieder paard een individueel geval.” 

Survivaltips voor de kliniek:  
• Neem een campingstoeltje mee of gebruik een pak stalbedekking om op te zitten, paarden vinden het fijn om te kunnen kijken, dus zorg dat je de uitgang blokkeert maar ze wel naar buiten kunnen kijken.  
• Een ziek paard weer beter krijgen is een team effort. De dierenartsen zorgen voor jouw paard, maar hebben soms geen tijd om te lunchen. Zorg ook voor je dierenartsen, je doet het immers samen! 
• Neem iets mee om de tijd mee door te komen, soms moet je erg lang wachten tussen check-ups want er komen eenmaal spoedgevallen tussendoor. Neem een breiwerk, sudoku of podcastaflevering mee, je kunt niet drie uur alleen maar achter elkaar naar een paard kijken… 
• Als je paard in kritieke toestand verkeerd en je woont wat verder van de kliniek en je wil er bij zijn bij eventueel overlijden, zorg voor een slaapplek dichtbij, bij paardenvrienden of een hotel. 
• Verdrietig zijn mag, maar probeer ook te genieten van de kostbare momenten, je weet immers niet of je paard weer mee naar huis komt.