Sinds de start van het wedstrijdseizoen 2009 controleert het bestuur of ruiters lid zijn van het NSIJP als zij meedoen aan NSIJP erkende wedstrijden van categorie 3 en hoger. Dat wil zeggen: kwalificatiewedstrijden, selectiewedstrijden, het Nederlands Kampioenschap en/of WorldRanking wedstrijden. Uiteraard geldt partnerlidmaatschap of jeugdlidmaatschap ook als lid. Een buitenlandse ruiter die lid is van een van de FEIF zusterorganisaties is van deze verplichting vrijgesteld. Voor basiswedstrijden of kleine wedstrijden kan de organisatie ervoor kiezen of NSIJP lidmaatschap wenselijk is of niet. In sommige gevallen zullen niet-leden een hoger inschrijfgeld betalen.
Reglementen
Reglementen en formulieren
Reglementen
Regelingen (sport)
- Vaccinatieregels NSIJP-FEIF
- Kleding & optoming
- Proevenbestand 2008
- Selectieprocedure FEIF Youth Cup 2012
- Aanhangsel bij selectieprocedure FEIF Youth Cup 2012
Voor wedstrijdorganisaties
Algemeen
Kwalificatiedrempels 2012
Door Stamboekbureau op vr 27/01/2012 - 11:28Het bestuur van het NSIJP heeft, op voordracht van de sportcommissie, de kwalificatiedrempels voor 2012 vastgesteld. Deze zijn hetzelfde als die van 2011.
Wie eenmaal de drempel behaalt in de B-klasse mag starten in de A-klasse, wie driemaal de drempel haalt moet starten in de A-klasse. Behaalde drempels zijn twee jaar geldig. De drempels voor 2012 zijn als volgt:
T1: 6,00 behaald in de T3
T2: 6,00 behaald in de T4
V1: 6,00 behaald in de V2
F1: 5,80 behaald in de F2
Gerda Casimir
Sportcommissaris NSIJP
Besluiten sport FEIF conferentie 2012
Door Stamboekbureau op ma 19/03/2012 - 14:37Tijdens de FEIF Conferentie in Malmö is een aantal wijzigingen van het FIPO aangenomen en zijn zaken besproken die consequenties hebben voor het jureren, c.q. organiseren van wedstrijden. Voor de precieze tekst verwijs ik naar het nieuwe FIPO, dat met ingang van 1 april geldig is en inmiddels gepubliceerd op www.feif.org.
FIPO 6.5 Diskwalificatie in telgang
Een paard dat gediskwalificeerd is in een doorgang van een telgangren of telgangproef is gediskwalificeerd voor dat hele onderdeel (die ren of die proef), ook wanneer nog niet alle doorgangen verreden zijn.
Toelichting: als bijvoorbeeld een paard op beslag wordt afgekeurd, mag het niet aan een volgende doorgang, ook niet een dag later, alsnog deelnemen.
FIPO 9.6.1: PP2
De oude PP2 wordt vervangen door een nieuwe proef met dezelfde lengte en dezelfde juryrichtlijnen als de telgangproef PP1. Het enige verschil is dat alle deelnemers drie doorgangen krijgen, ook als zij in de eerste of tweede doorgang geen punten scoren. Het gemiddelde van de twee beste doorgangen telt.
Toelichting: de juryrichtlijnen van de oude PP2 waren onduidelijk. De 70m werd door de ruiters niet prettig gevonden: zij gaan liever voor de volle 100 m. En voor de organisatoren was het niet prettig dat de lengte van de baan verqnderd moest worden.
FIPO 2.5, 2.3.4 en 2.3.7: elastiekjes, snow grip en oorbescherming
Vanaf nu is het gebruik van de volgende zaken toegestaan:
- elastiekjes te gebruiken om de manen te splitsen;
- ‘snow grip’ in de ijzers
- watjes in de oren van paarden die zeer gevoelig zijn voor geluid
Toelichting: uitgangspunt blijft de “natural shape of the horse”. De elastiekjes zijn vooral bedoeld voor paarden met hele dikke manen, die er last van kunnen hebben wanneer die allemaal naar één kant hangen. Het is dus niet de bedoeling dat gekleurde linten worden ingevlochten of oorkapjes gebruikt worden. Juryleden mogen ruiters erop aanspreken wanneer dat toch gebeurt.
FIPO 5.1 hellingshoek ovaalbaan
De gradiënt voor de ovaalbaan is uit het FIPO gehaald. Oude banen hoeven niet te worden aangepast, maar nieuwe banen zijn in principe vlak. Een kleine hellingshoek (1,5%) ten behoeve van afwatering is toegestaan.
Toelichting: vanuit het oogpunt van paardenwelzijn is het discutabel of een hellingshoek wel zo goed is. Bovendien is een dergelijke hoek in strijd met de gewenste buiging van het paard in de bochten. Om die reden is de hoek er als vereiste uit gehaald.
Het jaar van goed en harmonieus rijden
Het is de bedoeling dat dit jaar allerlei activiteiten worden georganiseerd die een goede en harmonieuze rijstijl bevorderen. Eén van de voorstellen is om juryleden twee extra kaarten te geven, met een plus en een min erop. De plus wordt getoond als een ruiter een verhoging van zijn of haar punten heeft gekregen vanwege een goede rijstijl, de min wanneer er aftrekpunten zijn gegeven wegens ruw rijden. Ruiters die een plus kregen komen op een lijst van ruiters met een goede en harmonieuze rijstijl. Aan het eind van de wedstrijd kunnen juryleden ook nog andere ruiters aan die lijst toevoegen.
NSIJP Vaccinatieregels
Door Administrator op do 10/09/2009 - 22:56NSIJP Vaccinatieregels paardeninfluenza
- Alle paarden die gaan deelnemen aan een NSIJP evenement moeten op zijn minst een basisenting paardeninfluenza hebben ondergaan. De basisenting bestaat uit een set van twee entingen, de tweede enting moet zijn gegeven tussen 21 en 92 dagen, na de administratiedatum van de eerste enting;
- Wanneer het paard zal gaan deelnemen aan een NSIJP evenement, moet de laatste enting zijn gegeven niet eerder dan 6 maanden en 21 dagen voor het begin van het evenement c.q. aankomst in de stallen, uitgaande van datgene wat het eerst plaatsvindt;
- Entingen moeten bovendien tenminste 7 dagen vóór het begin van evenement c.q. aankomst in de stallen zijn gegeven;
- Alle paarden die – voorheen - zijn geënt volgens een jaarlijks schema, hoeven niet opnieuw een basisenting te ondergaan, mits er op enig moment een basisenting is gegeven en het paard vanaf dat moment telkens tenminste jaarlijks is geënt. Voor die paarden geldt dat er uitsluitend voor moet worden gezorgd dat de laatste enting niet eerder dan 6 maanden en 21 dagen voor aanvang van het evenement c.q. aankomst in de stallen is gegeven;
- Wanneer het interval tussen de laatste enting en de start van het evenement c.q. de aankomst in de stallen méér is dan 6 maanden en 21 dagen, hoeft het paard niet opnieuw een basisenting te ondergaan; één enting is genoeg (mits het paard na de basisenting altijd jaarlijks is geënt).
- Paarden die niet deelnemen aan wedstrijd en/of keuringen, zouden tenminste jaarlijks aansluitend moeten worden geënt (dus telkens de volgende enting binnen de tijdspanne van 365 dagen).
Enkele voorbeelden voor deelname aan evenementen
- Paard is OK.
- Paard moet 1 (één) enting krijgen binnen de genoemde periode van 6 maanden en 21 dagen voor het evenement, maar niet korter dan 7 dagen voor aanvang daarvan. Wanneer het paard regelmatig op evenementen (wedstrijden en/of keuringen) wordt uitgebracht, moet het tenminste elke zes maanden en 21 dagen geënt worden.
Het paard is niet geënt volgens het 365 dagen schema sedert de laatste enting:
- Paard dient opnieuw een basisenting te krijgen, de laatste daarvan moet worden gegeven binnen 6 maanden en 21 dagen en niet later dan 7 dagen voor aanvang van het evenement.
Algemeen
- Alle als zodanig in Nederland erkende paardeninfluenza vaccins worden geaccepteerd;
- Alle entingen moeten worden gegeven door een dierenarts;
- De entingen moeten worden toegediend volgens de instructies van de producent. De wijze waarop de enting wordt toegediend (intramusculair of intranasaal) dient evenwel gelijk te blijven, voor zover het de eerste en de tweede enting van de basisenting betreft;
- De details van de enting: het vaccin, serie/batchnummer, de datum en de wijze van toediening moeten worden aangetekend in het bij het paard behorende paspoort;
- Wanneer entingsgegevens in een nieuw of duplicaat paspoort moeten worden ingevoerd én de entingshistorie van een paard is erg uitgebreid, dan mag de dierenarts een verklaring afgegeven om te certificeren dat de entingen – tot dan toe – zijn toegediend volgens de regels van de NSIJP (de FEI/FEIF);

