Droes

Droes
Droes

Droes wordt veroorzaakt door een bacterie. Er zijn twee hoofdvormen: kwade droes (een dodelijke vorm die al lang niet meer voorkomt in Nederland) en de droes zoals wij die kennen. Deze vorm kan door twee bacteriën ontstaan: Streptococcus Equi en Streptococcus Equi Similaris. Het sterftepercentage bij deze vorm ligt tussen de 1 en 5 procent.

Verschijnselen
De incubatietijd van droes ligt tussen de 3 en 14 dagen. Nadat je paard met de droesbacterie in aanraking is gekomen, kan het dus nog twee weken duren totdat de eerste symptomen zichtbaar worden. Die symptomen zijn: hoge koorts (soms tot boven de 40 graden) en zwelling van de lymfeklieren. De lymfeklieren raken ontstoken en er vormen zich abcessen met pus waarin de droesbacterie zit. Als die abcessen rijp zijn, breken ze door en stroomt er zeer besmettelijke pus met droesbacterie uit. Zo\'n doorbraak kan naar buiten zijn (er ontstaat dan een gat in de huid), of binnendoor (dan komt de pus als snot door de neus of mond naar buiten).

Complicaties
De abcessen zitten in principe in en rond het hoofd. Bij sommige paarden raken echter ook lymfeklieren verder in het lichaam ontstoken, bijvoorbeeld bij de darmen, longen of in de hersenen. Dan spreekt men van verslagen droes, een gevreesde complicatie. Verslagen droes is vaak dodelijk. Een andere complicatie is dat er pus in de luchtzakken achter kan blijven. De luchtzakken zijn kleine holtes bij de luchtwegen. De pus kan daar jarenlang blijven zitten, en als het paard wat snotterig is komt de droesbacterie weer naar buiten. Deze paarden worden dragers genoemd. Onderzoek uit de laatste jaren wijst erop dat de dragers grote boosdoeners zijn in nieuwe droesuitbraken. Het paard zelf hoeft geen last te hebben van de volgelopen luchtzakken (afhankelijk van hoeveel erin zit), maar zo\'n paard is dus wel een voortdurend risico voor andere paarden.

Behandeling
Bij droespaarden worden de abcessen vaak ingesmeerd met laurierzalf om ze snel te laten rijpen en ze te stimuleren naar buiten toe open te breken. Opengebroken abcessen worden gespoeld met een jodiumoplossing. Verder moet de (opgedroogde) pus regelmatig verwijderd worden, dat kan met een biotex-oplossing. Veel paarden vinden het prettig als de huid daarna ingesmeerd wordt met vaseline, zodat de huid soepel blijft. Ook snotneuzen moet je regelmatig schoonmaken, bijvoorbeeld met een spons met warm water, eventueel wat biotex erdoor. De huid van en rond de neus kan ook ingevet worden met vaseline om te voorkomen dat hij geïrriteerd raakt. Sommige mensen kiezen ervoor om antibiotica te geven aan paarden die al wel hoge koorts hebben maar nog geen abcessen. Als dat op het juiste moment gebeurt kan verdere ziekte voorkomen worden. Er is echter wel een risico aan verbonden: als er toch al abcessen zijn verhoog je het risico op verslagen droes. Die abcessen zijn niet altijd goed te voelen vanaf de buitenkant. Een paard met verslagen droes krijgt antibiotica, maar helaas helpt dat meestal niet om het paard te redden.

Besmetting
De bacterie kan alleen overgedragen worden via snot of pus. De bacterie verspreidt zich dus niet via de lucht, zoals een virus dat wel kan. Met de juiste hygiënische maatregelen is de verspreiding van droes daardoor goed te voorkomen. Je moet hier wel erg zorgvuldig in zijn: als er wat snot van een droespaard in een emmer zit, kan de bacterie daarin zes tot acht weken overleven. Voer je vervolgens een ander paard uit diezelfde emmer, dan is de kans aanzienlijk dat hij besmet raakt. Op dezelfde manier kan de bacterie overleven op je jas of in borstels. Het is daarom heel belangrijk om altijd eigen emmers, borstels, halsters enzovoort te gebruiken. Kleding wordt met een normale wasbeurt ontsmet. Voor je laarzen, borstels etc gebruik je dethol; stallen, trailers etc. worden meestal ontsmet met halamid.

Herstel
Droes wordt vaak een kinderziekte genoemd, maar verkijk je niet op de gevolgen van droes voor je paard. Sommige paarden hebben wekenlang hoge koorts, wat een enorme aanslag is op hun conditie. Ze gebruiken eiwitten uit hun spieren om beter te worden, waardoor je vaak al heel snel de bespiering ziet verminderen. Het is belangrijk dat je paard tijdens en na zijn ziekte goed te eten krijgt. Als er abcessen rond de keel zijn, hebben paarden vaak keelpijn en gaat eten moeizaam. Zoek dan naar voer dat hij extra lekker vindt. Het kan ook helpen om de emmers en het ruwvoer wat hoger te zetten, zodat je paard niet zo diep hoeft te bukken. Nadat de koorts is verdwenen heeft je paard nog enkele weken nodig om te herstellen, ook als hij er al weer heel fit uitziet. Belast hem daarom in het begin niet te zwaar, maar bouw de training verantwoord weer op. Het is ook belangrijk om paarden die droes hebben gehad goed in de gaten te houden. Soms blijkt enkele maanden na herstel dat er toch verslagen droes is ontstaan. Het is verstandig je paard af en toe te blijven temperaturen (boven de 38,6 is er sprake van koorts). En als je paard wat wit of geel snot blijft afscheiden, kunnen de luchtzakken volgelopen zijn en blijft je paard besmettelijk. Men vermoedt dat ongeveer 10% van de paarden die droes hebben gehad, nog enige tijd drager blijven. Soms ademen deze paarden wat zwaarder, maar dat hoeft niet. Vraag bij twijfel aan je dierenarts of een onderzoek in een kliniek zinvol is.